Allochtonen en kanker: meer dan een taalbarrière
Baby’s van Turkse en Marokkaanse afkomst vaker overgewicht dan Nederlandse leeftijdgenoten
Show all

Trendrapportage GGZ 2009: Drop-out onder allochtone GGZ-clienten

Trendrapportage GGZ 2009: Drop-out onder allochtone GGZ-clienten

De Nederlandse samenleving wordt in toenemende mate geconfronteerd met vraagstukken omtrent de geestelijke gezondheidszorg aan migranten. In de praktijk zou nog steeds een mismatch worden ervaren tussen de hulpvraag van allochtone cliënten en het hulpaanbod. Over de exacte omvang van dedrop-out problematiek bij allochtone GGZ-cliënten is echter nog weinig bekend.Trendrapportage GGZ 2009: Drop-out onder allochtone GGZ-clienten

 

In opdracht van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport deed het Trimbosinstituut daarom onderzoek naar de drop-out onder allochtone GGZ-cliënten. De resultaten zijn gepubliceerd in deTrendrapportage GGZ 2009: Drop-out onder allochtone GGZ-cliënten.

 

Verbeterde toegankelijkheid GGZ

Uit onderzoek blijkt dat de investeringen van beleidsmakers en hulpverleners in de interculturalisatie van de GGZ geresulteerd hebben in een verbeterde toegankelijkheid van de GGZ voor verschillende groepen allochtonen. Uit het Permanent Onderzoek Leefsituatie (CBS) blijkt dat steeds meer allochtonen ambulante zorg ontvangen als ze last hebben van psychische aandoeningen, het Riagg-bezoek door niet-westerse allochtonen is in volume en kosten de laatste jaren sterk toegenomen. Ook uit gegevens van hetPsychiatrisch Casusregister Rijnmond blijkt dat er tussen 1990 en 2004 een toename van het aantal allochtonen in de GGZ heeft plaatsgevonden. Allochtone vrouwen emanciperen de laatste jaren sterk wat betreft zorggebruik bij psychische problemen; hun zorggebruik nam sterker toe dan onder allochtone mannen, al is het zorggebruik van allochtone vrouwen, met uitzondering van jongere Turkse vrouwen, nog altijd lager dan dat van Nederlandse vrouwen.

 

Communicatie blijft knelpunt

Vooral communicatie blijkt een knelpunt te zijn tussen huisarts en allochtone cliënten. Huisartsen geven zelf ook aan meer communicatieproblemen te ervaren bij allochtone cliënten. Dit zou vooral het geval zijn bij Turkse en Marokkaanse en minder bij Surinaamse cliënten. Naast taalproblemen, lijken ook culturele verschillen en (voor) oordelen een rol te spelen, waardoor artsen minder met allochtonen zouden praten, hen minder uitleg en voorlichting geven en zich vooral beperken tot het stellen van klachtgerichte, medische vragen in plaats van inzicht te krijgen in de opvattingen van de cliënt zelf omtrent de psychische klacht. Het merendeel van de ondervraagde Surinaamse, Turkse en Marokkaanse ambulante GGZ-cliënten zegt zich onbegrepen en niet serieus genomen te voelen door de huisarts; er zou sprake zijn van gebrek aan overleg, onvoldoende voorlichting over de GGZ en weinig aansluiting op de eigen wensen en verwachtingen. De huisarts zou allochtone cliënten minder goed voorlichten over de GGZ, met als gevolg dat er vaker sprake zou zijn van een mismatch tussen de verwachtingen van de allochtone cliënt en het daadwerkelijke zorgaanbod in de GGZ.

bron:

http://www.zorgmarktresearchbase.nl/trendrapportage-ggz-2009-drop-out-onder-allochtone.115161.lynkx?RapportPointer=9-33429-33431-447518&FilterValue=d1ed82ff-8b3d-4fe0-bcf4-9dc051b55c34&FilterType=Bedrijf&PageStart=

Trendrapportage GGZ 2009: Drop-out onder allochtone GGZ-clienten

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *